In de Franse Lorraine (van de quiche Lorraine), ook bekend als Lotharingen, liggen op zo’n 60 kilometer van elkaar twee verrassend leuke en tegelijkertijd verschillende steden: Metz (spreek uit: Mess) en Nancy. We nemen je mee op een korte reis en geven je tips voor als je een keer in de buurt bent. (Laat je in dat geval vooral niet afschrikken door de industrieterreinen aan de randen van beide steden!) Metz en Nancy liggen op ongeveer een halve dag rijden van Nederland en zijn via Parijs ook goed per trein te bereiken.

 

Metz

Sommige steden roepen bij de aanblik ervan gelijk herinneringen aan andere steden op. Toen ik in Metz de parkeergarage uitstapte en het water, de bloemen en vakwerkhuizen zag, dacht ik aan Straatsburg. Daarna dacht ik aan Duitsland. Alsof de aards gekleurde huizen, de netheid en geordendheid niets anders dan Duits zouden kunnen zijn. Achter de eerste rij huizen die ik zag torende al de kathedraal Saint-Étienne, een van de grootste van Noord-Frankrijk. Gotisch, groot en gelig. Die gele kleur komt overal voor in Metz en is te danken aan de steensoort waarmee veelvuldig gebouwd is, de Jaumont-steen, die niet ver van Metz in steengroeven langs de Moezel wordt gewonnen. 

De kathedraal Saint-Étienne, Metz

Al vanaf de Romeinse tijd, dus al meer dan 2000 jaar, wonen er mensen in deze stad. Het is een tijd Duits geweest (van 1870 (Frans-Pruisische oorlog) tot 1914 (begin van de Eerste Wereldoorlog), en van 1939 tot 1945, tijdens de Tweede Wereldoorlog. Anders dan bijvoorbeeld Straatsburg en de Elzas, die ook bij Duitsland ingelijfd zijn geweest, kent Metz geen Duitstalig dialect. Alleen tijdens de periodes van Duitse overheersing woonden er aanzienlijke Duitstalige gemeenschappen in Metz.

De bewogen geschiedenis is terug te zien in het stadsgezicht. Er zijn overblijfselen uit de Oudheid. Er is een Middeleeuwse wijk. Er is aan het eind van de negentiende eeuw door de Duitse keizer veel laten bijgebouwd. En sinds 2010 is er het moderne Centre Pompidou-Metz, een dependance van het beroemde moderne kunstmuseum in Parijs. 

Bij de Office de Tourisme (aan het Place d’Armes, het plein naast de kathedraal) vind je een plattegrond met wandelingen door de verschillende tijdsperiodes. Er is ook een gratis app. Het centrum van Metz is klein en goed te belopen, dus tenzij je heel erge haast hebt, hoef je niet slecht één wandeling te kiezen, maar kun je er meerdere lopen. Dan kom je door glooiende straten met kinderkopjes (grotendeels autovrij), langs pleinen met terrassen, winkels, kerken, de rivier de Moezel, parken; allemaal gemoedelijk. Niet schreeuwerig, wel de moeite waard.  

 

Tips:

Als je in Metz bent, ligt een bezoek aan de kathedraal Saint-Étienne en aan het Centre Pompidou-Metz voor de hand. Ook leuk: de overdekte markt (marché couvert, Rue d’Estrées 15, vlakbij de kathedraal) waar je boodschappen kunt doen en lekker kunt eten. Even verderop zit de grote, breed gesorteerde boekwinkel Hisler-Even (Rue Ambroise Thomas 1). Ook als je geen Frans leest is het leuk daar te verdwalen. Iets lekkers eten (Frans-Italiaans) kan bij Le Wengé, op het Place Saint-Louis 49. Het terras is groot en de bediening is vriendelijk. Even buiten Metz vind je het Maison Robert Schuman (Rue Robert Schuman 8, Scy-Chazelles), het oude woonhuis van een van de grondleggers van de Europese Unie. Interactieve tours vertellen je meer over het leven van de deze geboren Luxemburger die in Metz werkte en na de Tweede Wereldoorlog voor Frankrijk minister van Buitenlandse zaken was.

Zie ook de site van de Office de Tourisme

 


 

Nancy

Waar Metz misschien Duitsland bij je oproept, daar laat Nancy er geen twijfel over bestaan dat de stad Frans is. De grote pleinen, de lichtgekleurde steen die je ook in Parijs veel ziet, de elegantie van de (meeste) inwoners: het kan niet missen. Toch dankt Nancy een groot deel van haar aantrekkingskracht en schoonheid aan een Poolse koning.

Nancy ontstond in de Middeleeuwen. Net als Metz ligt het op een kruispunt van Europese handelswegen: de noord-zuidroute van de Noordzee naar de Middellandse zee, en de oost-westroute van Parijs naar Straatsburg en Duitsland. Het was lange tijd de hoofdstad van het onafhankelijke hertogdom Lorraine (of Lotharingen). De beroemdste (en laatste) hertog van Lorraine was de afgezette koning van Polen: Stanislas Leszczynski (1677 – 1766). Door een ingewikkelde ruil kreeg hij in 1738 het hertogdom van Lorraine en het aangrenzende hertogdom van Bar in zijn bezit. Hoewel koning Stanislas politiek weinig macht had (het dagelijks bestuur lag in handen van een Franse intendant), gaf het hem de kans de stad Nancy te verfraaien en zich als mecenas voor de kunsten te ontwikkelen. 

Stanislas gaf opdracht tot het ontwerpen van een groot, ommuurd plein, als verbinding tussen de oude, Middeleeuwse stad en de ‘nieuwe stad’ een stuk verderop. Oorspronkelijk heette dit overweldigende, classicistische plein het Place Royale, naar koning Lodewijk XV, die getrouwd was met de dochter van Stanislas. Daarna was het nog even het Place du peuple (Plein van het volk, vanzelfsprekend tijdens de Franse Revolutie), het Place Napoléon (onder, inderdaad, Napoleon) en in 1831 werd het Place Stanislas, de huidige naam.

Place Stanislas, Nancy

Het plein is een goed startpunt voor een ontdekkingstocht door de stad. Nadat je de koning in het midden van het plein hebt begroet, kun je de oude stad verkennen, door het grote en lommerrijke Parc de la Pépinière flaneren of winkelen en mensen kijken in het nieuwere gedeelte van de stad. Aangenaam, ontspannen en elegant!

 

Tips:

Een wandeling door het stadspark kun je beginnen, onderbreken of eindigen bij de comfortabele Brasserie de la Pépinière – midden in het park en uiteraard met terras. Een goed restaurant in de Middeleeuwse stad is Barami (Grande Rue 100), vlakbij de oude Porte de la Craffe. Veel keus, typisch Frans en zeer betaalbaar. Iets verderop in de Grande Rue zit het Musée Lorrain in de Église des Cordeliers (Grande Rue 66), voor wie meer wil weten over de stad Nancy en het hertogdom waar het de hoofdstad van was. Kasteelliefhebbers kunnen in Lunéville (niet ver van Nancy) het Kasteel van Lunéville bezoeken (Place de la 2ème Division de Cavalerie, Lunéville). Toen Koning Stanislas hier hof hield, zijn onder andere Verlichtingsfilosofen Voltaire en Montesquieu op bezoek geweest.

Zie ook de site van de Office de Tourisme