Hoe komt een straat, plein of park aan zijn naam? Vernoemingen zijn zelden ‘zomaar’ en er gaat meestal discussie aan vooraf – denk bijvoorbeeld aan de Amsterdamse ophef rondom het Johan Cruijffplein. En als er geen discussie is over de vernoeming zelf, is het lang niet altijd eenduidig welk plein of welke straat het meest geschikt is. Een reis door Parijs aan de hand van schrijver Victor Hugo.

 

‘Victor Hugo? … … Victor Hugo.’ De automatische vrouwenstem in de metro zegt zijn naam eerst vragend en antwoordt daarna zelf. De naam van de grote negentiende-eeuwse schrijver valt hier dagelijks honderden keren en zijn borstbeeld staat op het ondergrondse perron. Maar waarom hier, op deze plek? We zijn in het rijke westen van Parijs, in het zestiende arrondissement. Hier zie je tassen van duizenden euro’s in de etalage, en luxe chocolatiers waar 32 uur aan één bonbon wordt gewerkt. Man en vrouw lopen hier in pak, vousvoyeren elkaar keurig en de straten stralen statig hun klasse uit. Dit is het chique Parijs waar families in gigantische huizen wonen en au pairs voor de kinderen zorgen. Hier zit het geld. De bevolkingsdichtheid is er relatief laag, de huizenprijs het hoogst van heel de stad. Waarom is juist hier een metrohalte vernoemd naar Victor Hugo (1802 – 1885), de schrijver die het in Les Misérables juist opnam voor de arbeidersklasse en hun leefomstandigheden?

 

 

Met ‘je veux être Chateaubriand ou rien’ liet de in Besançon (Bourgogne) geboren Victor Hugo op jonge leeftijd al zien dat hij grote ambities had. Chateaubriand was een belangrijke schrijver in het begin van de negentiende eeuw en een van de grondleggers van de Romantiek. Vanaf 1813 woonde Hugo met zijn broers en moeder in Parijs en nog geen tien jaar later begon zijn literaire opmars. Zijn debuutdichtbundel Odes verscheen in 1822, een jaar later publiceerde hij zijn eerste roman (Han d’Islande) en vanaf 1827 schreef hij theaterstukken. Zijn werk was succesvol: al snel werd Hugo een van de belangrijkste stemmen van de Franse Romantiek.

In 1831 schreef Victor Hugo Notre-Dame de Paris, in het Nederlands bekend als De klokkenluider van de Notre-Dame. Deze klassieker over de gebochelde klokkenluider Quasimodo is nog steeds een van Hugo’s bekendste werken, mede dankzij de verfilmingen en de Disney-animatiefilm. Het verhaal gaat dat Hugo geïnspireerd raakte toen hij de torens van de Parijse kathedraal beklom en het Griekse woord voor noodlot in de muur gekerfd zag staan. Wie zou dat hebben geschreven, en waarom? De inkerving is inmiddels verwijderd – of heeft nooit bestaan – maar de torens waren tot de brand van april 2019 nog steeds te beklimmen.

De Notre-Dame ligt midden in Parijs, op een eiland in de Seine. Via metrohalte Victor Hugo is het dus niet te bereiken. Jammer, want een groot deel van zijn roem heeft de kathedraal toch aan de schrijver te danken. Dankzij het boek begonnen de Parijzenaren zich weer voor het Middeleeuwse, vervallen gebouw te interesseren en uiteindelijk werd de kathedraal een van de topattracties van de stad. En nu, na de brand, staat het boek weer in de belangstelling: zie bijvoorbeeld deze recente Nederlandse uitgave.

 

 

Na de publicatie van Notre-Dame de Paris verhuisde Hugo naar het Place des Vosges. Zestien jaar lang huurt hij een appartement aan het chique en beeldschone plein in het oosten van de stad. Van het geld dat je hier tegenwoordig voor een etage betaalt, is het niet moeilijk de rest van je leven rond te komen. ’s Ochtends bij een opkomend zonnetje ontbijten op een balkonnetje hier levert eveneens genoeg jaloerse blikken op om de rest van je leven mee door te komen. Rond de fonteinen, op een van de bankjes of gewoon op het gras, genieten toeristen en modieuze Parisiennes van hun verdiende rust en overheerlijke falafel.

De hedendaagse Victor Hugo-geïnteresseerde komt hier al snel terecht. Op nummer 6 is namelijk het Maison de Victor Hugo gevestigd, het gratis te bezoeken gemeentelijk museum. Te zien is hoe Hugo leefde, hoe hij zijn stukken schreef (staand) en waar hij op uitkeek. Het is gemakkelijk met de metro te bereiken, maar wederom niet vanaf de metrohalte Victor Hugo. Sterker nog: vanaf daar is het anderhalf uur lopen naar het oude huis van de schrijver.

Is Victor Hugo dan in 1885 in het westelijke deel van Parijs begraven? Nee, Hugo was ‘een groot man waar het vaderland dankbaar voor was’ en werd daarom bijgezet in het Panthéon, niet ver ten zuiden van ‘zijn kathedraal’ op het Île de la Cité. De metrohalte hier is niet vernoemd naar hem maar naar een middeleeuwse monnik werkzaam voor de Sorbonne, de universiteit (‘Cardinal Lemoine’). Plaats voor een Romantisch schrijver is er niet, hoewel Hugo zich hier zeker thuis zou hebben gevoeld. De Middeleeuwen hadden een grote aantrekkingskracht op de Romantici en de weinige Parijse resten uit deze periode zijn hier dichtbij te vinden in het Musée du Moyen Âge (ook bekend als het Musée de Cluny). De Sorbonne waar het Panthéon op uitkijkt werd in 1253 gesticht en de straat die erlangs loopt is vernoemd naar de eerste Franse koning Clovis, met wie de Middeleeuwen begonnen.

Uiteindelijk geeft de metrohalte Victor Hugo zelf het antwoord. De roltrap komt uit op het naar hem vernoemde verkeersplein, Place Victor Hugo. Minder druk dan het nabijgelegen Place de l’Étoile met de Arc de Triomphe, maar ook hier kan het in de spits aardig vastlopen. Als je vanaf het plein naar het zuidwesten loopt, kom je na ongeveer vijf minuten bij nummer 124. Daar hangt een plakkaat: ‘Ici s’élevait l’hôtel où Victor Hugo est mort le 22 mai 1885’. In dit huis is Victor Hugo gestorven op 22 mei 1885. Hij woonde toen al vier jaar in zijn eigen straat in Parijs. Van Avenue d’Eylau werd de lange laan op 28 februari 1881 Avenue Victor Hugo gedoopt. Op 13 december 1900 werd ook het metrostation naar hem vernoemd.

Met status had het dus niets te maken, ‘het genie’ wordt niet geheel ten onrechte door het snobistische 16e arrondissement geclaimd. De Avenue Victor Hugo was zijn laatste woonplaats. Let dus altijd op waar je gaat wonen als de kans groot is dat er een straat of metrohalte naar je vernoemd zal worden. Kies een plek waar je tot in de eeuwigheid genoemd zou willen worden, dag in dag uit, al is het maar door het bandje van de metro.