Overal groen. De bladeren van de ene boom hebben net een andere tint dan de bladeren van de andere. Veel verder dan de oever kun je niet kijken. Het ritselt, het ruist. Nog niet zo lang geleden was ook het water onbegaanbaar. De knalrode veren van overvliegende rode ibissen contrasteren met het allesoverheersende groen. Vissenogen komen boven het wateroppervlak uit: vieroogvissen, die met hun dubbele oog zowel boven als onder water kunnen kijken. Grijze, slanke vissen die meer dan 30 centimeter lang kunnen zijn. Ook wel kutai genoemd, naar het Engelse cut-eye, doorgesneden oog. Ze houden de boot in de gaten.

We zijn in Suriname en varen op de Warappakreek.

 

 

Vanuit Paramaribo kun je twee keer per week de grote postboot nemen over de rivier de Commewijne, die door het gelijknamige district ten oosten van Paramaribo loopt. Stroomopwaarts kun je meevaren tot Bakkie, een klein dorp langs de rivier met nog geen 500 inwoners. Het is het eindpunt van de postboot en het beginpunt van onze historische boottocht op de Warappakreek.

Vroeger lagen er langs de rivier de Commewijne veel plantages. Plantage Reynsdorp bijvoorbeeld, waar vanaf halverwege de 18e eeuw koffie en katoen werd geteeld. Op de duizend akkers van plantage Reynsdorp (zo’n 50 hectare) werkten gemiddeld 100 slaven. Net als bij veel andere Surinaamse plantages, werd bij de afschaffing van de slavernij (1863) grond overgedragen aan voormalige slaven. Dit gebeurde ook met Reynsdorp: Salomon Jacobus de Rijp kreeg een deel ervan in handen. Zijn nazaat, Marsha Mormon, is samen met haar man de drijvende kracht achter het weer toegankelijk maken van de Warappakreek en het zichtbaar maken van het slavernijverleden in het gebied.

Tien jaar geleden ontdekte Mormon – in Nederland geboren maar op dat moment woonachtig in Suriname – dat ze aanspraak kon maken op een deel van de oude plantage Reynsdorp. Met niet meer dan een vaag plan ging ze erheen. Het zag er heel anders uit dan nu. Van de plantage en de koloniale gebouwen was niets te zien. De Warappakreek, ooit door slaven tot de Atlantische Oceaan uitgegraven om het transport vanaf de plantages te vergemakkelijken, was door gebrek aan onderhoud dichtgeslibd. De omringende jungle had de macht teruggegrepen: het lot van zo veel verlaten Surinaamse plantages. Mormon en haar man besloten de geschiedenis van plantage Reynsdorp zichtbaar te maken en de Warappakreek weer toegankelijk.

Suriname kent een rijke geschiedenis en veel verschillende bevolkingsgroepen – Creolen, Marrons, Hindoestanen, Javanen, Chinezen, Joden, Europeanen – leven er naast elkaar. Vrijwel uitsluitend het noorden van het land is bewoond, het zuiden bestaat uit oerwoud en bergen. Er wonen iets meer dan een half miljoen mensen en daarmee is het een van de dunst bevolkte landen ter wereld. De overblijfselen uit de interessante geschiedenis van Suriname zijn als toerist echter niet zo makkelijk te bezoeken. Het ís er wel, maar je moet weten waar. Net als met plantage Reynsdorp bij Bakkie gebeurde, neemt de natuur het over zodra de mens zich terugtrekt.

 

Als je meer wilt weten over de geschiedenis van Suriname, bezoek dan het Surinaams Museum in Paramaribo. Het museum toont de geschiedenis en kunst van de verschillende bevolkingsgroepen in Suriname. Het is gevestigd aan de Surinamerivier in Fort Zeelandia, zo genoemd door de Zeeuwen die in 1667 Suriname op de Engelsen veroverden. Het is overigens ook het fort waar in 1982 de beruchte Decembermoorden plaatsvonden. Een plaquette herinnert daaraan.

 

Gelukkig voor de historisch geïnteresseerde toerist zijn er steeds meer particuliere initiatieven als dat van Mormon, waarbij de hoop is dat inkomsten uit (eco)toerisme de kosten zullen dekken. Mormon liet op Bakkie de koloniale gebouwen herbouwen, opende er een restaurant en biedt er overnachtingsplaatsen aan. Ze liet de Warappakreek opengraven en de Surinaamse overheid heeft de aanlegsteiger van Bakkie vernieuwd om de komst van de postboot mogelijk te maken. Het is een prachtige, idyllische plek geworden met een klein museum. Voorwerpen die bij het opengraven van de Warappakreek tevoorschijn kwamen – denk aan bierflesjes van de eerste matrozen die in Suriname aankwamen, maar ook metalen kogels die aan de enkels van slaven werden gebonden – heeft Mormon namelijk tentoongesteld. De schoonheid van het land en de uitbuiting in het verleden komen in Bakkie samen.

 

jungle rivier 2

 

We varen weer verder. De boottocht die na een heerlijke lunch en een bezoek aan de voormalige plantage in Bakkie begon, voert ons helemaal tot aan de Atlantische Oceaan. We zien een suikerpers, een klein stukje van het water verwijderd. De jungle heeft het gigantische en zware overblijfsel uit de plantagetijd niet volledig kunnen laten vergaan. Dat wat in het museum al tastbaar werd, wordt dat hier nog meer. Hier werd gewerkt, hier werd geleefd, hier werd geleden. Het verleden is weer zichtbaar geworden, en is het bekijken meer dan waard.

 


 

Touristico schreef dit verhaal in samenwerking met travelsuriname.nl, ‘jouw reis, jouw tempo’. Marijke Tuinstra en Edward Noordpool zijn dol op Suriname en willen het bijzondere land graag aan anderen laten zien. Om hun kennis en enthousiasme te delen, begonnen ze in 2016 hun reisbureau travelsuriname.nl. Je kunt bij hen je reis samenstellen met behulp van blokken. Je reis is hierdoor op maat gemaakt en tot in de puntjes verzorgd, maar er is ook ruimte voor eigen invulling. Ze helpen je uiteraard graag bij het maken van je keuze!

 


 

Meer zien? Bekijk het item op het NOS-journaal over cultureel erfgoed in Suriname en particuliere initiatieven:

 

Of het interview met Marsha Mormon over Bakkie en de Warappakreek: