Ik ga voorlopig niet op vakantie dus moet ik mijn ontspanning vinden in Nederland. Die ontspanning bestaat vaak uit een drankje drinken met mijn vrienden in de kroeg. Meestal bestel ik bier. Omdat ik met de jaren een beetje een wijnsnob ben geworden, vind ik de wijnen in de meeste kroegen vaak teleurstellend slecht van smaak (lees: niet te zuipen). Wijn drink ik daarom graag in wijnbars, in cafés waarvan ik weet dat de wijnkaart met zorg is samengesteld (zie lijst onderaan), of ik koop de wijn zelf. Als verstokt francofiel drink ik graag Franse wijnen. Niet in de laatste plaats omdat mijn ouders part-time in een klein dorp in de Franse Lot wonen, een departement ten noorden van Toulouse en ten oosten van Bordeaux. Maar, moet ik met enige schaamte zeggen: ik drink heel graag (veel) wijn maar weet er bar weinig vanaf.

 

À la campagne

Op een miezerige Hollandse herfstdag waan ik me soms even op het Franse platteland, in de tuin van onze gîte. Mijn gedachten dwalen af naar zinderend hete zomerdagen die allemaal op elkaar lijken. Ik lig in een luie stoel half te dommelen met een boek op mijn hoofd en mijn vader komt om een uur of vijf naast me staan en kondigt aan dat het tijd is voor de borrel. Binnen maken we samen een plank klaar met olijven, augurkjes en Franse worst en zonder kaas. (Een echte Fransman eet namelijk geen kazen als aperitief, dus wij als pretentieuze francofielen ook niet.) De rest van de familie, die zich her en der in de tuin bevindt, is er als de kippen bij wanneer ze zien dat het borrelmoment is aangebroken. De wijn, die van de lokale wijnboer komt, schenken we over in een karafje. Tien minuten later drink ik vanaf de rand van het zwembad mijn eerste glas wijn van de dag. Dit is altijd het lekkerste glas. Ik geniet van het koele water, word langzaam een beetje licht in mijn hoofd en luister naar de cicaden die hun concert nog harder aanzwellen. Kon het leven maar altijd zo mooi en simpel zijn en de wijn zo lekker (en goedkoop).

wijn

Wat moet ik kiezen?

In Nederland is het allemaal anders. Daar zit ik in een of andere hippe instagram-fähige wijnbar een kwartier naar een kaart te staren tot de ober of serveerster me vraagt wat voor wijn ik wil. De keuzestress slaat dan direct toe en dus vraag ik de persoon in kwestie wat hij/zij ‘de lekkerste vindt’. De laatste keer dat dit gebeurde (in een ‘normale’ kroeg, dat wel) gaf de dienstdoende ober aan dat hij ‘niet zo’n wijnmens’ was maar dat hij goede verhalen had gehoord over de verdejo. Ik bestelde toen toch maar weer een Franse chardonnay (don’t judge!).

In Nederland ga je niet naar de lokale wijnboer, die je tussen z’n wijnranken vandaan moet plukken om te vragen of je iets mag proeven en waar je dan zonder te malen direct een doos van koopt, gewoon lekker voor thuis. Hier bestel je wijn per glas, en je moet kiezen uit wijnen vanuit de hele wereld met namen als ‘Malvasia Aromatca Di Candia’, ‘Gruner Wildbacher’ of ‘Fontanavecchia Aglianico’.

De eerlijkheid gebiedt me te zeggen dat ik vaak voor dezelfde wijnen, uit dezelfde landen kies, omdat ik a) dan weet dat ik het lekker vind en b) dan niet overkom als een complete nitwit. Elk jaar neem ik me bij wijze van goed voornemen, voor om me hier wat meer in te verdiepen, zodat ik ook mee kan praten over het treffende zuurtje in de Elzaswijnen of het eikenhouten bouquet van een Franse beaujolais. Indrukwekkend? Ik heb dit totaal uit mijn duim gezogen.

Met alle verschillende druivensoorten, wijnstreken, chateaus, onderscheidingen, prijzen en labels zie ik dus door de bomen het bos niet meer. Voor iedereen die zich net als ik graag op regenachtige dagen op het Franse platteland waant en zonder geveinsde interesse een uitgebreide (Franse) wijnkaart wil kunnen interpreteren, ben ik op onderzoek uitgegaan. Thank me later! (Een flesje wijn is altijd welkom.)

 

Hoe kleiner het gebied, hoe exclusiever de wijn

Frankrijk heeft verschillende wijnstreken die bekend zijn over de hele wereld. Als je dus bijvoorbeeld een Cahorswijn drinkt (de regio waar mijn ouders wonen), dan is dit wijn afkomstig uit deze streek.

Dit zijn de belangrijkste Franse wijngebieden:

Franse wijnen worden, naast de regio waar ze vandaan komen, ingedeeld in drie verschillende groepen die de kwaliteit en exclusiviteit bepalen.

1. Vin de France, voorheen Vin de Table.

Dit is de ‘gewone’ tafelwijn zonder specifieke afkomst of kwaliteitseisen. Vergis je niet: dit kan in Frankrijk ook prima wijn zijn.

2. Indication Géographique Protégée (IGP), voorheen: Vin de pays

Wijn met een geografische herkomstbenaming. Dit is een Europees verordening om lokale  te beschermen tegen namaak. Wanneer er IGP op de fles staat is de wijn dus echt een ‘streekproduct’.

3. Appellation d’Origine Contrôlée (AOC), met op Europees niveau Appellation d’Origine Protégée (AOP)

Ook een geografische herkomstbenaming maar dan nog strenger dan nummer 2. Deze kwalificatie vermeldt de druivenrassen die toegestaan zijn, de maximale wijnproductie per hectare wijngaard, het minimale alcoholpercentage en de technieken die bij de productie worden toegepast. Ook moeten de wijnen afkomstig zijn uit een afgebakend gebied.

De druivenrassen die voor AOC-wijnen zijn toegestaan zijn:

Voor rode wijn:

·       Alicante Bouschet

·       Bouchales

·       Carménère

·       Cabernet franc

·       Cabernet Sauvignon

·       Gamay Noir

·       Malbec

·       Merlot

·       Petit verdot

·       Pinot noir

Voor witte wijn:

·       Aligoté

·       Chardonnay

·       Colombard

·       Mauzac

·       Merlot blanc

·       Muscadelle

·       Sauvignon blanc

·       Sémillon

 

Over het algemeen zou je kunnen zeggen dat de wettelijk beschermde naam staat voor kwaliteit. Een AOP/AOC-wijn is dan – in de regel – van betere kwaliteit dan een vin de table die aan veel minder productieregels hoeft te voldoen. Vaak geldt daarbij ook nog dat, hoe kleiner het wijngebied is, hoe ‘exclusiever’ en hoe hoger de kwaliteit. Binnen deze geografische grenzen heb je vervolgens ook nog een ‘gemeente-appelation’ voor de beste wijnen. Zo wordt de Bordeaux-streek onderverdeeld in regio’s zoals de Médoc. Zo’n regio wordt vervolgens ook weer onderverdeeld (Haut-Médoc) en binnen die grenzen hebben de wijnen een ‘gemeente-appellation’.

Daarnaast heb je ook nog de zogenaamde grand-crus, een erelijst van absolute topwijnen van bekende wijnhuizen. Een bekend voorbeeld hiervan is bijvoorbeeld de wijn van Château Lafite Rothschild. In de Bourgogne doen ze het overigens helemaal anders. Hier wordt niet gekeken naar wijnmakers of chateaus maar worden de wijngaarden geklasseerd en is de hoogste kwalificatie de grand-cru. Zelfs de classificatie van wijnen kan in Frankrijk dus per streek verschillen.

 

Verschillende druiven

Wanneer je wijn kiest, kun je dus kijken naar de ‘appellation’,  maar ook naar de druivensoorten die gebruikt zijn. Toch kan de smaak ook weer per druif verschillen. Zo zijn wijnen met de chardonnay-druif die verbouwd wordt in koelere klimaten fris en slank en wanneer ze afkomstig zijn uit warmere klimaten een stuk vetter, fruitiger en uitbundiger. De ene chardonnay is zogezegd de andere niet. Een bepaalde druif kan afkomstig zijn uit een land (de chardonnay komt oorspronkelijk uit Frankrijk) maar kan alsnog verbouwd aan de andere kant van de wereld. Ik kan me zelf nog herinneren dat bijvoorbeeld de Malbec uit Frankrijk een stuk ‘zwaarder’ was dan die uit Argentinië. Ook zijn er natuurlijk ook nog veel wijnen die bestaan uit een mix van verschillende druiven en dat levert ook weer nieuwe smaakcombinaties op. Daarnaast beïnvloedt ook de duur en manier van rijping de smaak. Zo wordt wijn bijvoorbeeld in stalen tanks, eikenhouten vaten of zelfs aardewerken kruiken gerijpt en dat geeft een typische smaak af.

Franse wijn

Tijdens mijn zoektocht om enig overzicht aan te brengen in de wirwar van wijnsoorten ben ik dus zeker wel wat wijzer geworden, al is dit verhaal echt nog maar een beknopte versie van alle mogelijkheden, smaken en keurmerken. Je kunt niet voor niets jarenlang studeren om alle ins en outs van alleen al het Franse wijnsysteem te leren kennen.

Een paar vuistregels voor Franse wijnen zijn in ieder geval:

  • Wijnen die het keurmerk AOP/AOC hebben, zijn van hoge kwaliteit.
  • Je moet streeknamen niet verwarren met druivensoorten. Een ‘pinot noir’ kan bijvoorbeeld een ‘bourgogne’ zijn.
  • Een wijn kan uit één druivensoort bestaan of uit een mix van soorten.
  • Verschillende druivensoorten kunnen op verschillende plaatsen in de wereld verbouwd worden.
  • Als er een grand-cru in je kerstpakket zit, dan heb je een gulle werkgever.

Nu is het, met mijn hernieuwde kennis, weer hoog tijd voor nieuw veldonderzoek.

Heb jij ook zin in veldonderzoek? Kijk dan naar mijn supersubjectieve lijst van locaties in Amsterdam waar fatsoenlijke wijn wordt geschonken. Proost!

 


Amsterdamse plekken met een goede wijnkaart:

Gebrouwen door Vrouwen BAR Deze bar staat bekend om hun fantastische (zelfgebrouwen) bier maar hebben ook heerlijke wijnen.

The lobby Nesplein Goed restaurant maar ook erg leuk voor een glas (goede) wijn.

Mossel & Gin The core buisiness zijn dan misschien Gin-Tonics, maar de wijn is hier top

Glou Glou Hip, goed, gezellig, lekker.

Bar Centraal Het grotere broertje van Glou Glou. Ze organiseren hier jaarlijks de beaujeau-disco om de komst van de eerste flessen beaujoulais nouveau te vieren.

Rayleigh & Ramsay. Je kunt zelf de hoeveelheid kiezen en je mag alles proeven.

Café Binnenvisser Leuk, low key en met lekker eten.

Alex en Pinard Bier, wijn, eten.

Wester Wijnfabriek Goede wijn en de mogelijkheid om ook proeverijen te doen

Achtergrondfoto: Boudewijn “Bo” Boer